Jan-Albert Hootsen is correspondent in Mexico, woont daar met veel plezier en geeft les aan de universiteit. Hij werkt voor verschillende (Nederlandse) media en brengt verslag uit van de rauwe werkelijkheid. De hardnekkige schaduwzijden van het land: geweld, corruptie, drugsproblematiek. In mijn brief vroeg ik hem hoe het in Mexico is en of de situatie hier al in de buurt komt van de Mexicaanse. Hieronder lees je het antwoord.

Beste Jan-Albert,

Laat ik direct met de deur in huis vallen. Er zijn vragen en gedachten die me van het hart moeten. Ze houden me uit mijn slaap. Ze gaan dan ook niet nergens over; ze hebben alles te maken met iets dat voor ons allemaal belangrijk is, Nederland. Ik moet iemand raadplegen die er niet bovenop zit. Aangezien jij je dagen al een behoorlijk aantal jaren in Latijns-Amerika slijt, moet jij het toch met een zekere gezonde distantie kunnen beoordelen.

Antwoorden, daarnaar ben ik op zoek. Ik zal er dan ook niet omheen draaien: Stevenen we echt af op een ravijn? Of worden we gewoon gek? Zijn we al de spreekwoordelijke bananenrepubliek van Amerikaanse proporties, of worden we – als zo vaak – geleefd door de kettingexplosie die we ook wel mediahysterie noemen?

Ik ben toch geneigd er een ongezonde vorm van paranoïde in te ontwaren. En dan bedoel ik ook echt óveral. Op mijn tv-scherm is Arnold Schwarzenegger in de film Total Recall op de vlucht voor mensen die hem kwaad gezind zijn. De veel belangrijkere centrale vraag in deze film is natuurlijk hoeveel je een mens kan wijsmaken voor hij van gekkigheid het verschil tussen waar- en onwaarheid niet meer kan vaststellen. Zijn wij in deze tijd ook een soort Hauser, of Quaid, de karakters die Schwarzenegger in deze film vertolkt?

Voortdurend op zoek naar de waarheid, terwijl de ideologische colporteurs en consumptie-profeten alles in het werk stellen om de realiteit naar hun hand te definiëren. Willem Schinkel schreef ooit dat Nederland lijdt aan sociale hypochondrie. Als waren we een pathologische natie, maar zelfs dát niet. Enkel en alleen omdat we voortdurend op zoek zijn naar mogelijke pathologieën in ons sociale lichaam, zonder ooit daadwerkelijk een echt noemenswaardige kwaal onder de leden te hebben.

Klaarblijkelijk zijn deze vragen wereldwijd aan de orde. Jouw blog geeft me het idee dat het Mexico in de media zoveel anders is dan het Mexico dat jij dagelijks meemaakt. Het Mexico waar je zelfs verliefd op bent geworden. Dat maakt jou eigenlijk ook iemand die de worsteling met de waarheidssleutelaars aangaat. Tegelijkertijd ben ik me ervan bewust dat het geen gekke gedachte hoeft te zijn dat we allemaal met een gereedschapskist in de weer zijn als het om de waarheid gaat, of in ieder geval onze perceptie daarvan.

Het geeft natuurlijk te denken: in Mexico is de strijd om de waarheid zonder twijfel een andere dan in Nederland. Ik las op de Twitters dat enige terughoudendheid in waarheidsvinding van belang is om de veiligheid van je vriendin te kunnen waarborgen. Dat is niet zo gek, als je bedenkt dat de moordcijfers in Mexico en de VS aanzienlijk hoger liggen dan in Nederland. Gaat dat snel veranderen, of zou je denken dat wij ook een waakzame Chuck Norris hebben om dat te voorkomen? Ik hoor het graag van je!

Met hartelijke groeten,

Bas

“Beste Bas,

Het antwoord op je brief schrijf ik vanaf de fotoredactie van dagblad El Diario in Ciudad Juárez. Naast me zit een fotograaf, een getatoeëerde ijzervreter,  zijn foto’s van de dag te bekijken: onthoofdingen, executies, et cetera. In Juárez is het momenteel ronduit klote. De mensen hier liggen niet wakker van kwesties over sociale hypochondrie. Ze hebben angst om hun jonge kinderen, waarvan de laatste drie jaar tientallen door verdwaalde kogels zijn omgekomen. Of ze vrezen om hun dochters, van wie er honderden zijn verkracht en vermoord sinds 1993. Om over zaken als werkeloosheid en geld nog maar te zwijgen.

In een dergelijke omgeving is ‘de waarheid’ een steeds moeilijker begrip. Een van de belangrijkste slachtoffers van het drugsgeweld in Mexico is de vrijheid van meningsuiting. Journalisten worden ontvoerd, gemarteld, vermoord. Of het nu door de autoriteiten is, die lastige verslaggevers uit de weg willen ruimen, of door de drugscriminelen zelf – het maakt eigenlijk weinig meer uit. De Mexicaanse pers heeft zich een zelfcensuur opgelegd. Over de georganiseerde criminaliteit, corruptie, mensenrechtenschendingen en aanverwante zaken wordt nauwelijks nog inhoudelijk bericht.

Dergelijke berichten zouden je de indruk geven dat Mexico geen fijne plek is om te wonen. Als je de buitenlandse berichtgeving over dit land leest, gaat het vrijwel exclusief over geweld, corrupte, machtsmisbruik. Positieve verhalen uit Mexico zijn even zeldzaam als sneeuw in Mexico Stad. Toch geniet ik intens van mijn leven in dit land. Mexico is een schitterende plek, magisch, surrealistisch. Inderdaad, ik ben verliefd op dit land. Ik wil hier nooit meer weg, al kan ik niet garanderen dat ik niet toch ooit weer terug naar Nederland ga.

 

 

 

Het wordt voor mij steeds moeilijker om aan Nederlanders duidelijk te maken waarom ik Mexico zo mooi vind. Niet zo vreemd natuurlijk, want in Nederland leest, hoort en ziet men slechts de berichten in de media, en daar wordt een mens niet vrolijk van. Zelf ben ik daar medeverantwoordelijk voor. Je schrijft dat je een hele andere indruk krijgt van Mexico als je mijn blog leest. Zou je die indruk ook krijgen als je puur en alleen de artikelen van mijn hand in de media leest? Ik betwijfel het. Schrijf ook ik niet vooral over mensenrechtenschendingen, drugs en geweld?

Ik lijd zelf aan een interne worsteling. Aan de ene kant wil ik niet alleen maar negatief schrijven, aan de andere kant ben ik ook gebonden aan de wetten van de markt. En die markt is nu eenmaal meer gericht op zaken als geweld en corruptie. Ik denk echter niet dat er sprake is van een ontwikkeling waarbij ‘waarheidssleutelaars’ dag en nacht in de weer zijn om ons wereldbeeld te beïnvloeden. Er zijn krachtvelden, belangengroepen die pogen de markt naar hun hand te zetten, en daarbij de journalistiek. Want de journalistiek is ook slechts een van de vele industrieën in onze vrije markteconomie, gebonden aan dezelfde wetten en regels als alle andere sectoren.

 

In een land als Nederland kan dat problemen opleveren. We zijn een land met weinig criminaliteit en corruptie (neem dat nu maar aan van iemand die in Mexico woont!), een relatief zeer kleine kloof tussen arm en rijk, relatief weinig discriminatie, een hoge mate van welvaart die relatief zeer gelijkmatig  over de bevolking is verdeeld. Als je Nederland met Mexico vergelijkt, hebben we eigenlijk maar weinig fundamentele problemen die we met alle macht moeten oplossen. De Nederlandse problematiek draait om het goed beheren van een land dat er op zich fantastisch voorstaat. Toch is er een vijandbeeld nodig, een gevoel van pressie, van urgentie. Mensen halen hun betekenis daaruit, en politiek en media gaan daarin mee. Dat is niet het sleutelen van de waarheid, eerder een consequentie van Lipmann’s idee van een wereldbeeld vol stereotypen, om te voorkomen dat we gek worden.

 

De problemen in Mexico zijn dan toch wat urgenter, meen ik. Of het op te lossen is? Wie weet… Ik spreek dagelijks met mensen over de situatie van Mexico, en iedereen is ervan overtuigd dat het goedkomt. Er zijn genoeg concrete oplossingen, maar het ontbreekt aan de wil.
En of het met Nederland fout gaat? Welnee. Dat denken we alleen. Er moet echt heel erg veel gebeuren wil Nederland ooit zoveel problemen als Mexico krijgen. Ik zou me er geen zorgen over maken. Maar wel waakzaam blijven!
Hartelijke groet,
Jan-Albert”



‘De markt is gericht op geweld en corruptie’